Het wordt teveel voor deze Corneel. De emoties laaien te hoog op. Topsport is gewoon onmenselijk. Niet voor gewone stervelingen.
Het begon al met Matthias Casse. Droomde maar van één ding: goud. Maar het werd niets. De zielenpijn spatte van het scherm. Om het met de woorden van Luc te zeggen: voor elke medaillewinnaar vallen er eens zo veel naast het podium. Allemaal met hun eigen verhaal: muizenissen, pech, ziek, iets anders…
Neem nu Jelle Geens. De triatleet werd de donderdag voor de wedstrijd ziek en lag een hele dag met koorts in bed. Hij ging een dag later dan gepland naar Parijs maar het mocht niet baten. Geen kracht. Wat zo aandoenlijk was, was het feit dat hij het vooral verschrikkelijk vond voor zijn entourage en meer bepaald zijn vriendin die er drie jaren alles aan hadden gedaan opdat hij zou kunnen trainen.
Een gelijkaardig verhaal gisteren bij de Nederlandse springruiter Maikel van der Vleuten die brons pakte. De man barstte in tranen uit. Hij was zo blij dat hij eindelijk iets had kunnen teruggeven aan de vele mensen die zóveel voor hem hadden gedaan in de aanloop naar de Spelen. Zeer aangrijpend interview.
De Engelse hordenloopster Lina Nielsen barstte ook in tranen uit maar dan om heel andere redenen. Ze viel in de rechte lijn over één van de laatste hordes. Ze leek op weg naar een finaleplaats maar helaas. De Engelse pers had het over “heartbreaking”.
Om het met de woorden van Alexander Doom, nog zo’n pechvogel, samen te vatten: “Hier heb ik drie jaar voor gewerkt.”
Natuurlijk, er is ook Remco. En Wout. En Gabriella.
Misschien vat Oumi het vandaag correct samen: “Vaak komen geluk en verdriet hand in hand”. (Top)Sport is dus een beetje als het leven. En omgekeerd. Niet voor gewone stervelingen.
Nog 4 dagen…
